Feest

Anke Ouburgh, directrice van verzorgingshuis de Lange Adem in Amsterdam heeft uitgepakt. Voor Harry is niets teveel. De grote eetzaal is opgeleukt met geborduurde tafelkleedjes, op iedere tafel een echte gerbera in een vaasje, ballonnen aan de muur. Vandaag wordt Harry 102.

De zaal stroomt vol. De plaatselijke journalisten zijn uitgenodigd, Geer en Goor zitten in de keuken wezenloos voor zich uit te staren tot ze de gasten mogen irriteren.
Harry is bij de ingang geposteerd in een zwakzinnig versierde rolstoel.
Hij morrelt wat aan zijn gehoorapparaat.

‘Je neven zijn hier Harry.’
‘Ja lekker, doe mij maar een pikketanussie!’
In een opleving lacht hij hoopvol zijn tandeloze mond bloot.
‘Nee Harry, voor jou geen jenever, de verpleging raadt dat af.’

© Stella Matula 11-10-2017

Advertenties

Gaten

De met liefde gemaakte soep neemt ze mee naar papa.

‘Ik heb liever niet dat je de sleutel gebruikt.’
‘Ik ben het papa.’
‘Oh, o ja.’
Ze zorgt voor papa zoals mama vroeger voor haar zorgde. ‘Hier, lekkere zelfgemaakte kippensoep, dat lust je wel hè?’
Met omlaag hangende mondhoeken boost hij weer over hen die nooit langskomen. Hij mijmert over zijn doden en beseft niet dat wat hij verloor ook haar verlies is.
De pijn is te groot, de hersens versleten, de tijd te laat om nog te praten.
Met een gat in haar hart laat ze hem weer alleen.

© Stella Matula 08-10-2017

Monsters

Met volle teugen adem ik Vrijheyd in. Het proeft als een frisse regenbui, gekruid met rode en gele bladeren, geroerd met een zonnestraal.

Weerstand doemt voor mij op. Die zag ik niet aankomen. Het is ijl, als ik mijn ogen tot spleetjes maak zie ik de omtrekken van een blauwwitte gloed. Een gezicht heeft het niet. Het is. Mijn tred verzwaart. Iets.

Verderop buigt Jymoet zich over me heen. Het wil me grijpen. Ik kijk het in de ogen die mij, dwingend, nét niet aankijken. Ik wil die blik vangen en erin schreeuwen maar Jymoet is driemaal zo groot als ik en glijdt om me heen. Ik adem Jymoets okselgeur.

Magnyt doemt links van mij op. Hij is net zo groot als Jymoet. Hoog boven mij raken ze elkaar. Vanaf hun lelijke koppen smelten ze naar onderen samen. Ik voel hoe ze me langzaam in zich opzuigen. Ik geef een duw tegen Weerstand voor me en Weerstand wankelt scheldend achteruit. Dat geeft me de ruimte om Magnyt en Jymoet in hun navel te kietelen. Hun ogen worden groot, hun monden vormen een kwijlende O, ze wijken iets uiteen en ik waad verder, nog steeds omgeven door mijn monsters.

Verderop zie ik Leugen soepel over de velden rennen, met een gehavende Waarheyd achter zich aan. Waarheyd hinkt, er komt bloed uit zijn oor. Ik wil er naartoe, het bloeden stelpen. Maar Weerstand blokkeert me de weg, Magnyt en Jymoet voeden zich met mijn wilskracht.

 

© Stella Matula 05-10-2017

Lagging

‘Schat, kom je aan tafel?’

‘Wacht even, mijn browser loopt vast.’

‘Oké …
De Matrix komt vanavond op SBS6, zullen we samen kijken?’

‘Mmmm …’

‘Greetje schrijft op Facebook dat dat een hele goede film is, en Greetje is een kenner. Ze heeft alle drie de delen vier keer gezien …
Die Keanu Reeves is een lekker ding zeg!’

‘Mmmmm … cybernautenfilm.’

‘Hoe bedoel je?’

‘Mmmm …’

‘Wil je rode of witte wijn bij het eten?’

‘Mja.’

‘Lust je tonijnsaus over je muis?’

‘Ahah.’

‘Hij is echt goed gelukt, Anneke had het recept op Instagram gezet. Wel ingewikkeld, een moeilijkheidsgraad van vier sterren; ik ben er vanmorgen vroeg al aan begonnen.
Het schijnt ook heel lekker te zijn in combinatie met toetsenbord. Hier, proef maar.’

Met genoegen

Ik vertel u, de ultieme stroopwafel bestaat uit twee veerkrachtige samengeknepen koeken, rondgevormd met daartussen een bruin goedje zo vloeibaar als de temperatuur waarin ze voorgeschoteld wordt. Ja, ik zeg ‘ze’, een stroopwafel is ongetwijfeld vrouwelijk patisserie.
Wanneer je de koeken, die in de perfecte omstandigheden flexibel zijn, met je vingers een beetje van elkaar trekt kun je er met je tong tussen slieren. De stroop wordt dan warm en vloeibaar om uiteindelijk gemengd met speeksel naar binnen te glijden. Als je geluk hebt kun je als de koek op is nog wat stroop uit je gezicht likken.

Als kind deed ik dit graag en hartstochtelijk.
Ik ben opgegroeid in Dreumel, een dorp in het Land van Maas en Waal.
Samen met mijn moeder haalde ik op woensdagen een pond verse wafels op de markt in Tiel. Daarvoor moest ik anderhalf uur lopen, dat had ik er graag voor over.
Mijn vader vroeg dan of ik die stroopwafels niet wat genderneutraler kon eten. Om zijn wens kracht bij te zetten vatte hij zijn klotenpijp in de hand. Hij is dijkwachter, het ding wijkt niet van zijn zijde. Dagelijks loopt hij ermee over de Waaldijk. In 1781 is er een dijkdoorbraak geweest en hij is bang dat het weer gebeurt.

Stroopwafels vind ik nog steeds onweerstaanbaar. Als u het niet erg vindt leg ik deze eerst even in de ijskast om hard te worden. Daarna snijd ik haar in onzijdige vierkantjes. Dat eet smakelijker.

© Stella Matula 2017