Op visite

‘Hallo schat, wat fijn dat je er bent. Dat is alweer veel te lang geleden.’
‘Ik was er vorige maand nog, mam, maar dat ben je zeker weer vergeten.’
‘Ach, woonde je maar wat dichterbij, dan konden we wat vaker samen koffiedrinken, ik ken hier ook niemand meer. Weet je wie er nu weer overleden …’
‘Ik heb wat voor je meegenomen. Hier, maak maar open.’

‘Een mierenlokdoos? Ik heb helemaal geen mieren.’
‘Daarom, mam. Zet hem maar neer, dan ben je straks niet zo eenzaam, als ik weg ben.’

Advertenties

Walk alone

Gisteren liep ik, helemaal in mijn eentje, een route van iets meer dan tien kilometer. Voor mij is dat bijzonder, want ik heb een groot talent om te verdwalen. Zet mij ergens neer, waar dan ook, en ik verdwaal zonder problemen. Soms nemen mijn wandelvrienden en -vriendinnen me op sleeptouw en dan hobbel ik in opperste verbazing achter ze aan, vol vertrouwen dat we terechtkomen waar we heen willen. Om mezelf een beetje op te peppen gebruik ik, als ik met de auto ergens naartoe moet, mijn Tomtom. Het is een hele oude Tomtom, al jaren niet ge-updatet. Dat werkt natuurlijk niet en dus zet ik daarnaast Google Maps als gids aan. Die twee maken ruzie in de auto, waar ik horendol van word. Google Maps zet ik dan weer uit en ik scheld Giel Beelen, de voice op mijn navigatiesysteem, de huid vol. Hij stuurt me altijd de verkeerde kant op, zelfs ik weet het beter dan hij. Dat geeft me een goed gevoel. Ik kom er nergens mee, maar dat maakt me niet uit. Zo heb ik mezelf borden leren lezen. Dat werkt aardig.

Ik bereidde me goed voor op mijn eenzame wandeling; ik printte de route uit en downloadde een GPX-viewer waar ik ook de route in opsloeg. ‘s Avonds had ik een afspraak dus ik kon het me niet veroorloven om langer dan zeven uur over de wandeling te doen. Met 112 onder de speed-dial dankte ik God op mijn blote knieën (het was redelijk lekker weer) voor alle digitale heerlijkheden en ging op weg. Ik begon halverwege de route omdat dat zo uitkwam, vroeg een vriendelijke vrouw welke kant ik op moest om bij de schutterij te komen en na een minuut of vijf dacht ik eraan om mijn GPX-viewer te raadplegen. Dat was een goed idee want kijk:

1

Ik liep verkeerd.
Dit maakte me vrolijk, de app werkte! Nu kon mij niets gebeuren. Dol van blijdschap draaiden mijn GPX-viewer en ik om.

2
Kijk, hier loop ik weer terug. Gaaf toch?

Daar ging ik dan, de pahadehen op, de lahanehen in …

3

Iets probeerde me constant het gevoel te geven dat ik niet alleen was.

4

Dat lukte niet zo goed. Deze:

5
zoek de blauwe route

heb ik toch echt helemaal zelf gevonden.

Ik had de smaak te pakken. Mijn GPX-viewer, mijn wandelschoenen en ik; een perfect team.

6
mooi hè
7
Dit is ook heel mooi, alleen niet als je er een foto van maakt met mijn telefoon
8
Ik heb er nog wat van proberen te maken met een fotobewerkingsprogramma, dat is niet gelukt.
9
Hij vond het ook een drama
10
Er is licht aan het eind van de tunnel
11
Misschien zie je niets bijzonders op deze foto, dat kan wel kloppen.

Eenmaal in het bos aangekomen begon het te miezeren. Ik was al blij, toen werd ik uitzinnig. Het was ik, mijn GPX-viewer, een overweldigende boslucht en een vogelconcert dat volgens de NVWA oordopjes behoeft. Ik heb stiekem een dansje gedaan en deed net of de hele wereld leuk was door de lucht te omarmen.

12
In het bos stonden ook bomen
13
Een drieling
14
Krijg nou tieten?
15
Hier is ie dan, de alom gevreesde eikenprocessierups.

Zo kwam ik heel veel beestjes tegen in het oerbos.

16
mooi beestje
17
de Schimmertse schoothommel
18
Hier hebben we Billy de bosmestkever. Hij keek heel boos naar me. Negatief gedrag moet men negeren heb ik geleerd en liep door.
19
Op de paal in het midden zit een heel leuk geel vogeltje. Dit is natuurlijk ook een abominabel slechte foto en ik sloop heel voorzichtig dichterbij om een mooiere te kunnen maken toen ik gebeld werd door zo’n %$#@! energiecolporteur die ook nog eens het verkeerde nummer had. Ik was even klaar met het digitale tijdperk.

 

20
sprookjesboom
21
Groot Haasdalse haas (geen echte, dit is een beeld)
22
Zoals mijn auto op de een of andere manier nooit recht in een parkeervak terechtkomt zijn mijn foto’s ook vaak scheef, en dat mag de pret niet drukken.
23
Bijna ‘thuis’ bij mijn B&B zag ik dit.
24
Dit briefje hangt erbij. Ik hou van Limburg.

 

Het is me gelukt om op tijd terug te zijn.

Dit is de route die ik heb gelopen: http://www.wandelgidszuidlimburg.com/wandelroutes/136.html

Harry

‘Op een bepaald moment werd ‘ie vals, écht. En hij sproeide door het hele huis.’
‘…’
‘Ja, het was geen doen meer. Tegenwoordig zet ik hem overdag in de bijkeuken, en ’s nachts gaat hij in de bench.’
‘…’
‘Nee, die staat in de tuin. Wel onder een afdakje hè. Het helpt echt. Als ik hem roep komt’ie, en hij eet uit mijn hand. Van vreemden kan hij nog steeds niet veel hebben, begint meteen te grommen. Vooral als er mannen over de vloer komen.’
‘…’
‘Wanneer dat begon? Nou, dat zal geweest zijn eh, een maand of zeven na ons huwelijk.’

In de steek gelaten

Ik prikte dwars door Knuts smoezen heen, ik zag hem wel rondvliegen met die sloerie in haar tijgerpak. Knut gaf me de bons toen ik er iets van zei. Een schril contrast met onze gepassioneerde nacht bij de tl-lamp. Hij geeft geen steek om me.

Alleen zijn in dit licht is nu genoeg. Er beweegt iets, dat leidt af. Zelf heb ik geen zin in bewegen. Achter me hangt een grote zak bloed onderuitgezakt naar het scherm waarop ik zit te kijken, maar ik heb al dagen geen trek. Vanmorgen heb ik wéér overgegeven.

Nee, het zal toch niet?

Taalstrijd

‘Weet je dat ik je nog steeds heel aantrekkelijk vint?’
‘Zit niet te slijmen, zolang jij ‘vind’ met een t zegt raak ik niet opgewonden.’
‘Hoe …’
‘Je spreekt het veel te scherp uit, ik hóór het gewoon.’

‘Vertel eens eerlijk, ga je vreemd?’
‘Waarom denk je dat?’
‘Toen ik laatst bijna op mijn hoogtepunt was, riep je nogal opgewonden “Komma! Komma!” Vannacht zei je het zelfs in je slaap.’
Cecile kijkt op van haar laptop. ‘Dat zeg ik om je aan te moedigen.’
‘Het voelt anders meer als een beletselteken.’