Contact

Als ik in de lege zaal van de sportschool stretchoefeningen doe steekt een mede-sportster haar hoofd om de hoek van de klapdeur. Ze is van middelbare leeftijd, volslank en draagt een bril. Ik groet haar met een hartelijk ‘hoi’. De vrouw kijkt met haar ge-eyelinerde blik langs me heen richting de matjes die aan de muur hangen, zegt niets en trekt zich terug.

Thuis pak ik een eiwitshake uit de kelderkast. Houdini kijkt met zijn kraaloogjes dwars door me heen terwijl hij met trillende snorhaartjes aan mijn speculaaskoekjes knabbelt. Met een gelaarsd voorpootje trapt hij de muizenval van de plank. Het ding slaat op de grond met een klap dicht.

In de middag ben ik het medium dat mensen met elkaar in contact brengt. Ik bezorg woorden, hele zinnen en kletsverhalen. Voor een raam staat een vrouw gehaktballetjes te draaien wanneer ik een brief in haar brievenbus stop. Ik lach haar vrolijk toe. Zij lacht ook, wat krampachtig. Ze lacht naar een wezen ergens achter mij dat ik niet kan zien.

Even later rent Meneer Plankert van nummer twaalf met een rood hoofd achter me aan. Hij heeft een brief in zijn hand. Hijgend roept hij dat ik de brief niet goed bezorgd heb, deze is voor zijn buren bestemd. Hij zweet, een hand gaat naar zijn borst. In de loop van de dag heb ik behoefte gekregen aan warm, menselijk contact en hier is mijn kans, deze man neemt de moeite om me aan te kijken en met me te praten. Enthousiast vertel ik hem dat hij gelijk heeft dat hij zo boos is. Ik ben per slot van rekening 52, en een half, en ik ben nog te stom om een brief in de goede gleuf te stoppen. Ik ben het niet waard om te leven. Heeft hij wellicht euthanasiepillen in huis waarvan ik er eentje kan overnemen? Aan zijn hoofd kan ik zien dat hij niet een van de vrolijksten is. Gescheiden zeker? Daar zit je dan, in dat fijne huisje, te genieten van je pensioen. Maar ja, wat moet je ermee. De kinderen komen nog zelden langs. Dus ja, zo’n pil, u weet vast wel hoe ik daaraan kan komen?
Meneer Plankert grijpt nu met twee handen naar zijn borst en valt op de grond. Ik pak de brief, die ook is gevallen en bezorg hem bij de buren. Daarna steek ik mijn kop in het zand.

Advertenties