Gezellig

‘Roekoe!’ riep Duif.
‘Hoezo roekoe, doe ’s effe normaal.’
‘Ik ben ook van slag hoor, het zijn rare tijden.’
‘Jij ook al? Met je “het zijn rare tijden.” Kun je niet gewoon iemand even op zijn hoofd schijten of zo? Hier, neem een stukje broccoli.’
‘Gadverdamme, ik lust geen broccoli.’
‘Jij hebt helemaal niks niet te lusten, dit is alles wat ik heb. Roekoe, oké?’
‘Zullen we een stukje vliegen?’
‘Eerst je broccoli eten. En ik kan niet vliegen, ik heb benen. Oh man, gelukkig ben ik niet depressief, anders zou ik iemand keihard op z’n bek rammen, nu.’