Verwijten

‘Gadverdamme, wat zie jij zwart.’
Schaamwarmte kruipt omhoog in Ketel, spetters vliegen vanuit zijn fluit het firmament in. Hij schuifelt opzij en draait een kwartslag.
Pot stampt enkele centimeters vooruit. Agressief trekt ze de schouderband van haar tuinbroek omhoog.
‘Hoho, anderhalve meter!’ sputtert Ketel. Hij niest tegen de tegels, roestkleurig bloed druipt achter het fornuis. Pot lacht hysterisch haar stompjes bloot. De echo ontvlucht haar lege innerlijk. Tranen verlaten haar schuddende kop. Met de balk in haar linkeroog slaat ze Ketel van zijn gaspit.