Lekker lezen

Volkomen bevredigd was ik na het open einde van ‘Kind onder kannibalen’ en begon aan een boek van Arlidge. Daar wordt hoog over opgegeven, en ik kende deze auteur nog niet. Ik begon halverwege een serie, dan zit de vaart er al lekker in, dacht ik. Ik nestelde me naast de ventilator met koffie en chocola om zo de zuurstofloze wereld buiten te sluiten. Je moet jezelf soms even kietelen, en dit verdiende ik wel na mijn postronde in de bloedhete stad, uitgestorven op wat achtergelaten bouwvakkers en collega-postbezorgers na.

Zonder voorkennis over de auteur of diens boeken las ik dit:2018-07-24 16.43.08
Ik mag graag zeggen dat ik niet bevooroordeeld ben en niet seksistisch, maar ik begon te begrijpen dat er wat nerveus gedaan wordt over het feit dat ‘De moeder, de vrouw’ het thema is van de aankomende boekenweek, dat mannen het boekenweekgeschenk en het essay mogen schrijven en dat na een hoop gejank en gezeur van Libellefans is besloten dat er dit jaar ook een boekenweekgedicht geschreven mag worden, door een vrouw. Ik denk dat deze contemplatie iets te maken heeft met al dat gemaar in dit hele kleine stukje. Vrouwen zeuren nu eenmaal, daar ontkom je niet aan.

Bij dit stuk
2018-07-24 16.39.52
vermoedde ik dat er wat haastig is omgegaan met het schrijven en redigeren van dit boek. Ik begon me te ergeren. Me bewust van mijn azijnpissersmentaliteit las ik door. Men zegt dat Arlidge’s boeken heel spannend zijn, ik droeg mezelf op me over mijn chagrijn heen te zetten

Hier:
2018-07-24 16.39.20
gebeurt van alles.
Het lukt het slachtoffer niet om zich los te maken, terwijl de rest van de alinea in de verleden tijd plaatsvindt. Om als slachtoffer in een andere tijdszone te werken levert natuurlijk geen resultaat op. Dit is geen science fiction.
Dit stukje geeft me stof tot nadenken (het einde kon nu niet lang meer duren): Hoe lang duurt een einde? Iets begint, iets duurt, lang of kort, of iets daar tussenin, en het stopt. Zo is het met alles. Ik keek naar mijn tafelpoot. Die begint bovenaan, maar waar begint het einde? Misschien wel halverwege of op driekwart van de tafelpoot. Zou het einde van de andere tafelpoten ook op diezelfde hoogte beginnen? Als dat niet zo is dan zou de tafel wiebelen.

Het gegeven conflict in dit boek is op zich enorm opwindend: Er vindt een moord plaats in een club met de naam ‘De Martelkamers’. Hoe verzin je het! Doorlezen dus.

Op pagina 24:
2018-07-24 16.56.43
haakte ik definitief af. Dit kan mijn kommaneukende brein niet aan. Ik rukte me los van mijn ventilator, de koffie en de chocola waren ondertussen op, en schreef mijn eigen belabberde stuk, na eerst wat gedegen onderzoek te hebben gedaan; Arlidge blijkt een man te zijn. Ben ik even op het verkeerde been gezet.

 

Advertenties

Trots

Omdat ik de laatste tijd zelf niets schrijf waar ik trots op kan zijn, geen inspiratie heb, het leven sowieso kut is en alles tegenzit vind ik het leuk om iemand anders eens lekker af te kraken. Ondertussen heb ik wel een dingetje gedaan waar ik trots op ben en daar wil ik graag over vertellen.

Op de toonbank van de Bruna lag een boek voor € 4,99. Nu wist ik dat ik daar geen € 4,99 maar € 5,00 voor ging betalen maar toch nam ik het mee. En het lag op de toonbank dus moest het wel iets hebben. Dit boek heeft me maanden nachtrust gekost. En wel hierom:

Mezelf verkneukelend begon ik het, voor het slapen gaan, te lezen. He lekker, lezen in bed, daar hou ik van.
De hoofdpersoon in dit boek blijkt een naïeve trut die het hele boek door in een slachtofferrol kruipt, geen verantwoording voor haar eigen daden neemt; iedereen doet haar van alles aan, ook als het goed bedoeld is maar dat komt niet binnen in haar onderontwikkelde brein.
Dat is lastig relaxen, om zoiets te lezen. Het is niet grappig, niet boeiend, niet informatief en ook niet spannend.
Het gegeven is dat deze doos een leven leidt waar ze niet tevreden mee is. Duh, dat zou ik ook niet zijn als mijn leven zo beschreven was. Maar ze doet er niets aan. Dan krijgt ze een ongeluk. Ze wordt wakker in het ziekenhuis en tijdens dat ongeluk blijkt de liefde van haar leven te zijn doodgegaan omdat hij haar wilde redden. Die liefde en zij hebben hun hele jeugd en de tijd daarna een beetje om elkaar heen lopen draaien zonder dat het eens een keertje op neuken aankwam. Maar ze nam wel verkering met een lul van een vent.
Als ze weer genezen is stoot ze nog een keer figuurlijk haar hoofd waarop ze weer in een soort coma belandt en als ze daaruit komt blijkt dat hele leven niet waar geweest te zijn maar dat ze een rijke intelligente vrouw is met een goede baan in de grote stad (totaal ongeloofwaardig). Maar ze is ook hier verloofd met die lul van een vent.
Zij en die liefde van haar leven die in haar nieuwe verleden helemaal niet dood is gegaan, gaan op onderzoek uit. Want ze herinnert zich helemaal niets van dit leven. Ze heeft nu twee verledens om mee te dealen.
Ze blijven in dit universum ook alsmaar om elkaar heen draaien. Een enkele keer komt het bijna tot neuken maar omdat die lul in de weg zit gebeurt het niet echt.

Maar ook na deze spannende gebeurtenis staat het boek vol met letterdiarree, snotzinnen en ongeloofwaardigheden. Neem nou deze zin: ‘Sterke koplampen sneden door de vallende sneeuw …’ Koplampen die sterk zijn? En ze snijden? Waarmee dan? Heb je ooit wel eens een koplamp zien lopen te snijden? Echt heel slecht, dit.
Ik word om de oren geslagen met superlatieven, het is een en al ‘tell don’t show’ en in mijn fantasie loopt iedereen constant rond met opgetrokken wenkbrauwen van verbazing. Een groot ‘huh? -gehalte’. Je gelooft als lezer werkelijk geen woord van wat er geschreven is.

’s Avonds durfde ik niet naar bed want daar lag dit vreselijke boek op me te wachten. Het heeft me wat wallen onder de ogen opgeleverd. En elke avond las ik dapper een paar bladzijden om daarna uitgeput in slaap te vallen. Het was immers al laat en dit boek vergde ook nogal wat inspanning van me.
Waarom ging dit boek dan niet bij het oud papier (zo’n boek gun je niemand, het zou echt niet naar de kringloop gaan)?
Ik was benieuwd hoe dit af zou lopen. Ik daagde de schrijfster in die nachtelijk uren waarin ik kwaad en geïrriteerd haar letters lag te lezen uit om me te boeien. En dat is haar in 99 % van alle bladzijden die ze me door mijn strot duwde niet gelukt. De hoofdpersoon en haar liefde vinden elkaar uiteindelijk, haar verloofde, die lul van een gozer, gaat vreemd wat ze verschrikkelijk vindt wat ik dan weer niet snap want ze vond het zelf ook een lul, en krijgt het nakijken en dat soort dingen.

En toen kwam ik dus, eindelijk, bij het laatste hoofdstuk aan. Dat is mindblowing. Prachtige scenes zijn beschreven; mooi, strak, bijzonder en het is een einde dat ik totaal niet verwachtte. Geen open einde ook, ik haat open eindes.

Ik ben trots op mezelf dat ik heb doorgezet.

 

© Stella Matula 23-11-2017